De provincies Groningen en Noord-Drenthe hebben JA21 opgeroepen af te zien van een initiatiefwetsvoorstel waarmee de partij wil voorkomen dat alle putten in het Groningenveld definitief worden afgesloten. De regionale overheden waarschuwen dat het behoud van een aardgasreserve in het veld ingaat tegen een eerdere belofte van het kabinet en de basis onder het herstelprogramma Nij Begun ondermijnt.
Regio: sluiting was eerste stap in herstel
Volgens de Groningse gedeputeerde Susan Top vormde de sluiting van het Groningenveld de eerste en cruciale maatregel van Nij Begun, het programma voor sociaal en economisch herstel na decennia van gaswinning. Zij wijst erop dat de stopzetting van de winning ruim twee jaar geleden nog niet het einde betekende van de gevolgen voor veel inwoners.
„Met het sluiten van het Groningenveld kwam eindelijk de belofte dat de bron van onveiligheid, schade en onzekerheid zou verdwijnen. Die zekerheid is de basis voor het herstel van Groningen”,
aldus Top, die namens de regionale overheden sprak. De provincies vrezen dat het openhouden van putten of het mogelijk maken van nieuwe winning die zekerheid weer aantast.
Onzekerheid en veiligheid centraal
De regionale verklaring benadrukt dat betrouwbaarheid van de energievoorziening belangrijk is, maar dat de parlementaire enquête naar de gaswinning in Groningen duidelijk heeft gemaakt welke risico's bestaan wanneer nationale economische belangen zwaarder wegen dan de veiligheid van inwoners. Die conclusie gebruiken de provincies als argument tegen het voorstel van JA21.
Partijleider Joost Eerdmans van JA21 stelde eerder dat zijn partij niet wil inzetten op direct heropenen van de gaskraan, maar dat de voorraad in Groningen bewaard moet blijven als strategische reserve. Hij noemde het met beton vullen van gasputten „een historische blunder”, aldus de eerder gepubliceerde verklaring.
Wat staat op het spel?
De discussie spitst zich toe op twee tegenovergestelde beleidslijnen: enerzijds de belofte tot definitieve sluiting van het Groningenveld om schade en onveiligheid te beëindigen; anderzijds een politieke wens om een nationale reserve aan gas aan te houden voor toekomstige energiezekerheid. De provincies maken duidelijk dat zij vinden dat veiligheid en herstel voorrang moeten krijgen.
- Regio: Groningen en Noord-Drenthe roepen JA21 op het voorstel niet in te dienen.
- Argument regio: sluiting was essentiële voorwaarde voor herstel en vermindering van onzekerheid.
- Standpunt JA21: wil voorraad behouden als strategische reserve, noemt betonnen sealing van putten een vergissing.
Breed politiek en maatschappelijk belang
De kwestie raakt aan het vertrouwen tussen regio en Rijk. De provincies herinneren aan de schadelijke gevolgen van de gaswinning voor gebouwen en bewoners en leggen uit dat het herstelproces nog jaren duurt. Het opengooien van de discussie over het wel of niet bewaren van gasreserves kan volgens hen leiden tot hernieuwde onzekerheid bij gedupeerden en woningeigenaren.
| Aspect | Argument regio | Argument JA21 (zoals eerder gecommuniceerd) |
|---|---|---|
| Veiligheid inwoners | Belofte sluiting vermindert risico's en onzekerheid | Voorzorgsmaatregelen mogelijk met reserve |
| Herstelprogramma | Sluiting is eerste maatregel van Nij Begun | N.v.t. / benadrukt strategische belangen |
De oproep van Groningen en Noord-Drenthe volgt op eerdere gesprekken over de toekomst van het Groningenveld en illustreert dat regionale overheden nauwlettend volgen welke voorstellen in Den Haag op tafel komen. De provincies stellen expliciet dat het openhouden van putten en het mogelijk maken van nieuwe winning de zekerheid onder druk zet die nodig is voor sociaal en economisch herstel.
Het is nog onduidelijk of JA21 het initiatiefwetsvoorstel zal indienen. De komende weken zal moeten blijken of landelijke politieke afwegingen over energiezekerheid en strategische reserves tegen het regionale pleidooi voor definitieve sluiting opwegen. Voor Groningen en Noord-Drenthe staat in elk geval vast dat de prioriteit ligt bij veiligheid, schadeherstel en het herstelvertrouwen van inwoners.