College ziet te veel inzet van geld en personeel
Het college van Purmerend kiest er voorlopig voor zich niet aan te sluiten bij het landelijke Schone Lucht Akkoord. Volgens de gemeente vraagt deelname om een aanzienlijke inzet van middelen en personeel, terwijl onduidelijk is welke extra verbetering van de lokale luchtkwaliteit daarmee te behalen is.
De afweging volgt op vragen in een raadscommissievergadering op 16 oktober 2025, waar raadsleden wilden weten waarom Purmerend nog niet deelnam aan het akkoord. De portefeuillehouder beloofde destijds de haalbaarheid te onderzoeken en de gemeenteraad te informeren over de consequenties.
Wat deelname vraagt van gemeenten
Het Schone Lucht Akkoord, een samenwerking tussen Rijk, provincies en gemeenten, kent meerdere verwachtingen voor deelnemende gemeenten. Volgens het college omvatten die onder andere:
- het meewegen van luchtkwaliteit bij ruimtelijke plannen en mobiliteitsbeleid;
- duurzaam aanbesteden en communicatie over schone lucht en houtstook;
- het opstellen van een lokaal uitvoeringsplan en jaarlijkse rapportage over de voortgang.
Deelnemende gemeenten moeten onder meer luchtkwaliteit meewegen bij ruimtelijke plannen en mobiliteitsbeleid, duurzaam aanbesteden en communiceren over schone lucht en houtstook.
Personele en financiële consequenties
Voor deelname aan het akkoord rekent het college op extra capaciteit: voor het eerste jaar is volgens de berekening minimaal 1 tot 1,5 voltijdbaan aan extra inzet nodig. Daarnaast kunnen kosten ontstaan voor onderzoeken, bijeenkomsten en materieel. De gemeente noemt geen totaalbedrag.
Gemeentelijk beleid blijft richting geven
Hoewel Purmerend afziet van formele deelname, benadrukt het college dat de gemeente binnen het huidige beleid blijft werken aan een schonere leefomgeving. Als voorbeelden worden genoemd:
- de inzet van elektrische bussen door vervoerder EBS;
- stimulering van lopen, fietsen en openbaar vervoer;
- verduurzaming van gemeentelijke gebouwen.
Het college wijst erop dat deze maatregelen bijdragen aan een betere luchtkwaliteit, en dat bestaande inspanningen volgens lokale metingen resultaat laten zien.
Luchtmeetgegevens tonen daling NO2-concentraties
Sinds 2020 meet Purmerend op verschillende locaties de concentratie stikstofdioxide (NO2). Volgens de gemeente zijn die concentraties de afgelopen jaren afgenomen en zaten alle meetlocaties in 2025 onder de toekomstige Europese grenswaarde van 20 microgram per kubieke meter, die vanaf 2030 geldt.
| Jaar | NO2-trend (gemeentelijke metingen) |
|---|---|
| 2020–2025 | Afname; alle meetlocaties onder 20 µg/m³ in 2025 |
Het college waarschuwt echter dat alleen meten van stikstofdioxide geen volledig beeld van de luchtkwaliteit geeft. Andere componenten en lokale bronnen kunnen een rol spelen bij gezondheidsrisico's.
Volgende stappen en politieke afweging
De gemeente heeft aangegeven de haalbaarheid te hebben onderzocht en de raad hierover te informeren. De keuze om nog niet deel te nemen is een beleidsmatige afweging tussen verwachte baten voor de lokale lucht en de benodigde inzet van personeel en middelen.
Voor raadsleden en belanghebbenden blijft de discussie relevant: gemeenten worden door het akkoord uitgenodigd extra te investeren in meetbaarheid, beleid en uitvoering om de landelijke doelstelling te halen, namelijk in 2030 minimaal 50 procent gezondheidswinst ten opzichte van 2016. Purmerend laat voorlopig de bestaande aanpak het werk doen, maar erkent zowel de doelen van het akkoord als de praktische lasten die deelname met zich meebrengt.
De gemeenteraad zal op basis van het collegeonderzoek en de voortgangsrapportages moeten bepalen of en wanneer formele aansluiting alsnog wenselijk en haalbaar wordt verklaard.